Vanuit zowel de Chinese geneeskunde als de Westerse geneeskunde worden behandelingen door middel van acupunctuur (stimuleren met gebruik van naalden) en Tuina massage (stimuleren door te drukken) verschillend verklaard .

HET OOSTEN

Men ziet het lichaam als één systeem, waarin de energie (qi) die we bij onze geboorte hebben meegekregen, in gezonde toestand vrijelijk kan stromen. Dat gebeurt via een netwerk van ‘meridianen’, energiebanen. Ontstaan onderweg blokkades, dan raakt het evenwicht verstoord en ontstaan fysieke of mentale klachten. Met naaldjes of Tuina stimuleert de therapeut de ‘knooppunten’ op de meridianen en herstelt zo de balans in de energiecirculatie. Dit doet dus niet alleen goed op de plek van de pijn, ontsteking of andere klacht. Maar op jouw hele gesteldheid.

HET WESTEN

De werking van acupunctuur en acupressuur wordt in de westerse wetenschap anders verklaard. Gezien vanuit de fysiologie en biochemie stimuleren de acupunctuurnaaldjes en drukpunten je zenuwuiteinden en bindweefsel. Dat zet allerlei mechanismen in gang, onder meer de aanmaak van lichaamseigen stoffen in de hersenen en het zenuwstelsel. Zoals de neurotransmitters als endorfinen en dynorfynen. Deze stoffen werken onder meer pijnstillend en ontstekingsremmend en ze dragen bij aan je herstel. Ook bevordert dit de bloeddoorstroming, waardoor voedingsstoffen en zuurstof de cellen beter bereiken. De afvalstoffen worden afgevoerd waardoor het lichaam zichzelf gaat herstellen.

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) vermeldt meer dan 100 ziekten en aandoeningen waarbij de werkzaamheid hiervan is onderzocht en aangetoond.